Verkiezingsprogramma 2018

Algemeen bestuur

Gemeentelijke organisatie en personeel

De dienstverlening, die het lokaal bestuur aanbiedt, dient kwalitatief hoogstaand te zijn. Het lokaal bestuur moet de nodige initiatieven nemen om haar klantvriendelijkheid en efficiëntie te vergroten.  Periodieke tevredenheidspeilingen bij de inwoners kunnen hiertoe bijdragen.

Een uitbreiding van de online-diensten draagt bij aan een sterkere klantgerichtheid én efficiëntiewinst.

We willen tevens werk maken van een aanwezigheid van het lokaal bestuur in elke dorpskern via een antennewerking. Hier kan elke inwoner terecht met een aantal vragen rond de basisdienstverlening.

Op het gemeentehuis kunnen klanten die minder vertrouwd zijn met de onlinedienstverlening terecht voor een dienstverlening op maat.

Een efficiënte gemeentelijke dienstverlening begint met een goed personeelsbeleid. Arbeidsvoorwaarden spelen een belangrijke rol bij het vinden en binden van de ambtenaren.  Om de concurrentieslag met de marktsector niet te verliezen, mogen de loonontwikkeling en andere arbeidsvoorwaarden voor de ambtenaren van het lokaal bestuur niet achterblijven. Het lokaal bestuur zorgt voor een professionele begeleiding en opleiding evenals voor een aangename werkplek en een positief werkklimaat. Het personeelsbudget is dan ook een belangrijke recurrente post in het gemeentebudget.

De ruimtelijke invulling van de site Klooster in de Molenstraat en gemeentehuis wordt herbekeken.

Het autonoom gemeentebedrijf blijft behouden. De bestuursstructuren zullen evenwel samenvallen met de gemeenteraad en het schepencollege.

Communicatie, inspraak, wijk- en buurtwerking

  •  Communicatie

Wij pleiten voor een dialoog van elke dag tussen het lokaal bestuur en de inwoners. Voor bereikbare beleidsmensen en diensten. Voor snelle, accurate en begrijpelijke informatie, waarbij mensen de inlichtingen krijgen die zij nodig hebben. Een gemeentelijke webstek – met e-loket - die meegaat met zijn tijd is daarbij een minimum. Wij willen dat aanvullen met een gemeentelijke app, dienstig voor meldingen.

Onderzocht moet worden hoe de gemeenteraad dichter bij de burger kan worden gebracht, bijvoorbeeld via het online plaatsen van het audio(visueel) verslag.

Het is ook belangrijk dat belangrijke informatie in elke brievenbus terechtkomt, op een manier die het voor de lezer gemakkelijk maakt te weten wat er te gebeuren staat, en hoe hiermee moet worden omgegaan. Leesbaarheid van het lokaal bestuurlijke communicatie dragen wij hoog in het vaandel.

Communicatie betekent ook ontmoetingsmomenten. We houden eraan dat o.m. de wijkvergaderingen (met snelle en duidelijke feedback naar de inwoners), ontvangsten van nieuwe inwoners – waarbij de verenigingen zich kunnen voorstellen-, gemeentelijke babyborrel, vieren van jubilarissen en 100-jarigen blijven doorgaan. Belangrijke gebeurtenissen in een mensenleven krijgen hierbij de nodige aandacht.

Voor alle projecten wordt op voorhand een duidelijk communicatie- en inspraaktraject vastgelegd.

  • Inspraak

Inspraak is deelnemen aan het sturen van het lokaal bestuur. Iedere inwoner van onze gemeente kan op diverse manieren meepraten met het lokaal bestuur. Zo wil het lokaal bestuur samen met de inwoners een goede dienstverlening aanbieden.

Via een digitale ideeënbus stelt het lokaal bestuur een aanspreekpunt ter beschikking voor alle suggesties en meldingen die verband houden met de lokale dienstverlening.

Het lokaal bestuur en haar medewerkers streven steeds naar een kwaliteitsvolle dienstverlening, klantvriendelijkheid, een vlotte afhandeling van aanvragen en dossiers. Toch kan het gebeuren dat iemand niet tevreden is. Het lokaal bestuur heeft een duidelijke procedure voor klachtenbehandeling.

De adviesraden adviseren het lokaal bestuur bij haar beleid, op initiatief van de adviesraad of op vraag van het bestuur. Het advies van een adviesraad blijft een advies en is niet bindend. Hoe het lokaal bestuur een advies van een adviesraad ook beoordeelt, steeds moet de betrokken adviesraad op de hoogte gesteld worden van de gemotiveerde beslissing van het lokaal bestuur/gemeenteraad.

  • Wijk- en buurtwerking

Niet alleen onze drie deelgemeenten, maar ook de onderscheiden wijken en buurten in die deelgemeenten hebben allemaal hun eigenheid. Zij hebben hun eigen noden en leggen eigen accenten. Daarom o.m. hechten we groot belang aan wijk- en buurtwerking.

Idealiter heeft elke straat of buurt een vereniging die mensen samenbrengt, ontmoetingsmomenten organiseert en zich bekommert over hun leefomgeving. Ze zijn als het ware de buurtambassadeurs in onze gemeente. Zo kan inspraak vanuit de buurt worden georganiseerd.

Samenwerking tussen gemeenten

Gemeenten moeten meer en meer samenwerken om de uitdagingen in onze samenleving te kunnen beantwoorden. Wij geloven in meer samenwerking, en daarvoor zoeken we naar de juiste samenwerkingsvormen waardoor we voldoende onze eigenheid als gemeente kunnen garanderen.

Vanaf het moment dat de hogere overheid aanstuurt op een gedwongen fusie, zal het lokaal bestuur actief op zoek gaan naar geprefereerde partners.

Lokaal mondiaal beleid 

In september 2015 ondertekende België de Agenda 2030, de ambitieuze duurzaamheidsagenda van de Verenigde Naties. Deze agenda, ook wel bekend als de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen of Sustainable Development Goals (hierna SDGs), bevat zeventien concrete doelstellingen om te komen tot een meer rechtvaardige, duurzame en vreedzame wereld tegen 2030.  De zeventien doelstellingen hebben het potentieel om armoede en onrechtvaardigheid te bestrijden op een structurele en omvattende manier. Deze duurzaamheidsdoelstellingen kunnen worden geïmplementeerd in alle beleidsdomeinen. “Duurzaamheid” moet dan ook een rode draad zijn in gans het gemeentebeleid.

Rumst heeft de titel ‘FairTradeGemeente’. Dit moet verder vertaald en geconcretiseerd worden in richtlijnen bij het aankoopbeleid. Dit moet een ‘groeibeleid’ zijn zodat fair trade en duurzaamheid de norm zijn voor gemeentelijke aankopen. We houden er daarbij aan dat in het kader van dit beleid voldoende aandacht gaat naar de voedselproductie in onze gemeente.

Het lokaal bestuur steunt vooral  kleine, eigen projecten van mensen uit onze gemeente die actief zijn in het buitenland.

Er wordt voldoende ruimte in het budget voorzien voor steun na natuurrampen. 

De gemeentelijke raad voor ontwikkelingssamenwerking adviseert het lokaal bestuur bij het lokaal mondiaal beleid.

Internationaal

Onze gemeente ligt in de provincie Antwerpen, in Vlaanderen, in België, in Europa en in de wereld. Dat is een evidentie. Toch vinden we het soms wat moeilijk om over het muurtje te kijken, zeker buiten de vakantieperiodes. Daarom kiezen we ervoor om in de volgende bestuursperiode de samenwerking met een buitenlandse gemeente op de rails te zetten.
Zo’n samenwerking mag geen ver van mijn bed show worden, en moet voor burger en bestuur een meerwaarde bieden. Daarom kiezen we voor samenwerking met een Nederlandse gemeente. De manier waarop Nederland omgaat met het lokale bestuur is vernieuwend en kan een bron van inspiratie zijn voor onze eigen werking. Voorbeelden hiervan zijn flexibele regelingen voor interbestuurlijk samenwerken, niet enkel via intercommunales, en regelingen inzake aanbesteden die langetermijnvisie bevorderen. Het is goed dat de medewerkers van het lokaal bestuur op geregelde basis contact houden met collega’s die soortgelijk werk doen in Nederland, om zo van elkaar te leren. Daarnaast zorgt de keuze voor een Nederlandse partnergemeente ervoor dat de drempel om samen te werken ook laag is voor de burgers: de afstanden zijn niet reuzegroot en er is geen taalkloof. Op die manier kunnen onze verenigingen en geïnteresseerde burgers op een eenvoudige manier samenwerken met evenknieën in Nederland, wat de deur openzet voor boeiende vormen van synergie.

Zich verplaatsen en mobiliteit

Mobiliteit

  • Bedrijven

Tussen Antwerpen en Brussel, tussen de A12 en de E19, onze gemeente ligt in het hart van bedrijvig Vlaanderen. Nogal wat van onze bewoners werken in een van de steden in de buurt, maar ook in Rumst is er veel bedrijvigheid. Met name de logistieke sector is sterk aanwezig in onze gemeente.
Toch moeten we erover waken dat die troef geen nadeel wordt. Het is belangrijk om de leefbaarheid van onze woonkernen te waarborgen, en te vermijden dat zwaar verkeer door de kernen moet rijden. Daarvoor zijn al maatregelen genomen, en dat beleid – o.m. in het kader van het Decreet Complexe Projecten - moet worden verruimd en verdiept. Essentieel daarbij voor ons is ten eerste een partnerschap met Vlaanderen waarbij Vlaanderen zich engageert de nodige aanpassingen te doen aan de gewestwegen en de financiële last daarvan te dragen. Ten tweede is het vereist dat de huizen waarlangs de ontsluitingsweg komt, ook een verbeterde woonkwaliteit krijgen door de minderhindermaatregelen zoals geluidswering.

Regelen is echter niet voldoende, het is ook belangrijk te voorkomen waar nodig. Waar mogelijk zet het lokaal bestuur in op omvorming van bedrijventerreinen te vragen aan de hogere overheid. Waar geen omvorming mogelijk is, kiezen we ervoor de huidige aanwezigheid van logistieke en andere bedrijven die voor veel wegvervoer zorgen, te bevestigen, maar niet in te zetten op een verdere groei van de sector in onze gemeente. De bestaande bedrijven zullen kunnen rekenen op ondersteuning met het oog op de optimalisatie van hun werking, waarbij wordt gekeken in de richting van alternatieve vervoersmodaliteiten, zoals de binnenvaart. We verwachten een engagement van de bedrijven – die dichtbij de Rupel gelegen zijn – om een belangrijk percentage van hun bestaande goederenstroom over het water te doen (zonder uitbreiding van het wegtransport).
Er is echter wel degelijk plaats voor nieuwe, startende bedrijven in onze gemeente, die mensen de kans geven dicht bij huis te werken. Daarbij moeten we echter keuzes durven maken, en de voorkeur geven aan bedrijven die bewust omgaan met de mobiliteitsvraagstukken waarmee onze gemeente wordt geconfronteerd. Daarom ondersteunen we voluit bestaande en nieuwe bedrijven in onze gemeente die maximaal inzetten op thuiswerk en telewerk. Het lokaal bestuur speelt hierin een voorbeeldrol en promoot dit naar andere bedrijven. Flexwerkplaatsen zijn hier een mooi voorbeeld van. Ondernemingen met het label “klimaatvriendelijke onderneming” kunnen hierin het voorbeeld nemen.

  • Bovenlokale mobiliteitsknopen

Onze gemeente heeft pijnlijke mobiliteitsknopen die te wijten zijn aan bovenlokale verkeersorganisatie (bvb. as Lage Vosbergstraat, Bussestraat, op- en afrittencomplex E19, A12). Overleg met buurgemeenten en de Vlaamse Overheid teneinde problemen met bovenlokale oorzaak op een bovenlokaal niveau op te lossen is noodzakelijk.
Eveneens in samenwerking met de hogere overheid dient gezorgd voor minder hinder voor de omwonenden van A12, E19, expressweg na doortrekking.

  • De zwakke weggebruiker

Voor plaatselijk verkeer zijn verplaatsingen te voet en met de fiets natuurlijk belangrijk. Daarbij wordt het STOP-principe (Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, Personenwagen: de eerste drie alternatieven worden aangeraden boven de auto als vervoermiddel) gehanteerd. Daarom moeten deze verplaatsingen in optimale omstandigheden kunnen gebeuren. Op plaatsen waar anders gevaar dreigt, moeten voetgangers en fietsers afgescheiden paden hebben. Kruispunten moeten op een conflictvrije manier worden georganiseerd. Ook moet gewerkt worden aan vlotte aanvoerpaden naar de fietsostrades in de buurt (F1, F13 en F17).

Trage wegen kunnen voor een veilig en aangenaam alternatieve route betekenen. Het netwerk van buurtwegen, kerkwegen, trage wegen moet verder uitgewerkt worden. Als zulke wegen uitgewerkt worden als fietswegen (bv door ze te integreren in het fietsknooppuntennetwerk), moeten ze voldoende breed zijn zodat fietsers mekaar op een veilige manier kunnen kruisen (en ook voetgangers er nog op een veilige manier van kunnen gebruik maken). Bitumineuze verhardingen zijn op zulke wegen uit den boze. Er moet gezocht worden naar vormen van verharding die het wandelen en fietsen comfortabel maken, maar toch het natuurlijk karakter behouden.

Kinderen verdienen bijzondere aandacht in het verkeer. De veiligheid van schoolomgevingen moet gegarandeerd zijn. Schoolstraten (afsluiten bij begin en einde schooltijd) zijn hiervoor dienstig. Waar mogelijk kunnen alternatieve schoolroutes voorzien worden. Een oefenparcours wordt voorzien, bijvoorbeeld via het jaarlijkse fietsexamen. Controle op fietsen en fietsverlichting wordt georganiseerd. Samenwerking met de Vereniging van Ouders van Verongelukte Kinderen en een verdere uitbouw van het SAVE-charter is nodig. Er moet een fietsbeleidsplan worden opgemaakt waarin alle knelpunten in kaart worden gebracht en waaraan een  actieplan wordt gekoppeld. Een mooi voorbeeld van mogelijke acties fietsstraten, oversteekplaatsen veiliger maken, …
Fietsenstallingen – waar mogelijk overdekt – dienen voorzien te worden aan alle openbare gebouwen en op centrale plaatsen.

  • Autodelen

In onze gemeente bestaat nog geen vorm van autodelen. Het zoeken naar partners in dat kader verdient aanbeveling.

  • Elektrisch rijden

Teneinde iedereen aan te moedigen met een elektrische wagen of fiets te rijden, dienen voldoende oplaadpunten voor beide categorieën te worden voorzien. In samenwerking met Eandis worden tegen 2020 7 oplaadpalen (dus 14 oplaadpunten) in onze gemeente geïnstalleerd. Het gemeentelijk wagenpark wordt bij voorkeur volledig overgeschakeld op elektriciteit en / of CNG.

  •  Signalisatie

Het lokaal bestuur verzorgt een reglementair geplaatste, correcte en duidelijke signalisatie voor het verkeer. Bij wegenwerken ziet het lokaal bestuur toe om een correcte en duidelijke signalisatie van omleidingen.

Openbaar vervoer

We moeten blijven werken aan een meer performant openbaar vervoer in onze streek. In nauwer overleg met de aanbieders van openbaar vervoer, in de eerste plaats De Lijn, moeten we werken aan openbaar vervoer op maat. Ook daarbij kan vervoer over het water een rol spelen. De waterbus naar Antwerpen, die nu al stopt in Kruibeke en Hemiksem, mag gerust onze richting uitkomen.
De derdebetalersregeling die het lokaal bestuur heeft met De Lijn dient behouden te blijven en waar mogelijk geoptimaliseerd.

Natuur en milieubeheer

Afval 

Het principe “de vervuiler betaalt” dient gehandhaafd te blijven. Sensibiliseren en stimuleren van voorkoming, selecteren en recycleren van afval, dient te gebeuren via informatie, sensibilisatie en doelgerichte subsidies.

Hergebruik verdient bijzondere aandacht. Het lokaal bestuur ondersteunt de Kringwinkel, maar kan ook een stapje verder gaan en initiatieven rond hergebruik van fietsen (bvb. fietsotheek), speelgoed, … ondersteunen. Misschien kunnen er in ons straatbeeld wel boekenkasten verschijnen?

Het nieuwe recyclagepark wordt verder uitgebaat door Igean en verdient alle ondersteuning. Op dit recyclagepark hebben de kringloopkrachten een werkplaats ter beschikking. De werking van de kringloopkrachten worden gewaardeerd en ondersteund.

Het lokaal bestuur moet het sluikstorten en zwerfvuil streng en grondig aanpakken. Dit is erg storend voor de inwoners en bijzonder belastend voor het milieu. Sensibiliseren, boetes, een goede samenwerking met de politiediensten en investeringen in publieke afvalinfrastructuur zijn dan ook opportuun. Een interventieploeg van de gemeentelijke dienst speelt hier een belangrijke rol. Ook de rol van de vrijwilligers in onze gemeente daarbij is niet te onderschatten. Zo organiseren scholen en (jeugd-) verenigingen regelmatig zwerfvuilopruimacties. Ook individuele vrijwilligers ruimen zwerfvuil op in hun buurt. Zij verdienen de nodige logistieke steun, en een passende bedanking op tijd en stond.

In het algemeen hechten we groot belang aan de netheid van de straten. Netheid en properheid binnen onze gemeente vraagt permanente aandacht. Nu worden de hoofdbanen tweewekelijks gereinigd en de andere banen één of meerdere keren per jaar. Waar nodig dient de stratenreiniging op de meest bevuilde routes frequenter te gebeuren. Bedrijven die de straten bevuilen met transporten, staan in voor de reiniging ervan.

Waterbeheer

Om zuiver water te kunnen blijven aanbieden, moet het lokaal bestuur veel investeren in (dubbele) rioleringen, (collectieve en individuele ) waterzuiveringsinstallaties en in alternatieve methoden. De bijdragen die daarbij van inwoners en ondernemingen worden gevraagd, worden gekoppeld aan sociale correcties.

Volgende rioleringswerken die we samen met de financiële steun van de Vlaamse Overheid en Pidpa-Hidrorio kunnen realiseren, dienen zeker op de agenda te blijven en te worden gerealiseerd:

  • Kerremansstraat
  • Rumst-centrum
  • Petrus Van Der Taelenstraat
  • Varenstraat – Hoveniersstraat

Vroeger waren er bij elke hevige regenbui wel ergens in onze gemeente overstromingen. Door gerichte maatregelen (loskoppeling van beken en grachten van de riolering, door rechtstreekse afvoer van regenwater naar Rupel en Nete, door infiltratie en door buffering) bleef onze gemeente in de laatste jaren al wat meer gespaard van wateroverlast maar er is nog werk aan de winkel. Samen met Hidrorio moet er alles aan gedaan worden om wateroverlast te voorkomen. De verschillende knelpunten (bvb. Matexiwijk) worden verder ontleed en alle gepaste maatregelen worden genomen. Retentiemogelijkheden op strategische plaatsen worden onderzocht.

Bij rioleringswerken zal zo mogelijk gekozen worden voor een gescheiden stelsel met zoveel mogelijk behoud van grachten. Grachten en beken worden regelmatig nagekeken en beter geruimd.

Bij de aanleg van grote verharde oppervlakten moet voldaan worden aan de krachtlijnen van een geïntegreerd rioleringsbeleid waarbij voldoende bufferingscapaciteit wordt voorzien voor hemelwater.

 Het lokaal bestuur stimuleert het gebruik van regenputten.

Samenwerking tussen het lokaal bestuur, De Polder, het Bekkenbeheer en de Provincie is zeer belangrijk.

Vermindering van milieuverontreiniging

Verdere sanering van verontreinigde sites en verder onderzoek naar bodem- en luchtverontreiniging in samenwerking met OVAM en in het algemeen de Vlaamse overheid blijft nodig. 

 Verstandig natuurbeheer

Bij het bepalen van een beleid inzake ruimtelijke ordening en mobiliteit, heeft het lokaal bestuur de kans om ook een verstandig natuurbeheer te plannen. Dit kan het beste in overleg met de actieve verenigingen, zoals Natuurpunt,  die zich met natuurbeheer inlaten, maar ook in samenspraak met andere gebruikers van de open ruimte (recreatie, land-en tuinbouw, jagers,…).

Bijzondere aandacht verdienen de stukken natuur die in beheer van het lokaal bestuur zijn. Het lijkt optimaal dat het beheer hiervan gezamenlijk door het lokaal bestuur en de inwoners wordt gedaan. Een grote betrokkenheid van de inwoners, bijvoorbeeld door de inzet van vrijwilligers, is hier ten zeerste opportuun.

De politiek van verfraaiing en verfrissing van de gemeente door zomerbebloeming en groenaanplantingen wordt voortgezet. Het lokaal bestuur zal verder gronden aankopen of beheren om bossen en dreven aan te planten. Het lokaal bestuur zal bovendien ook pogen haar inwoners dichter bij de natuur te brengen door nog meer wandelpaden in natuurgebieden aan te leggen en te onderhouden en door “eigen groen” (bijvoorbeeld via de jaarlijkse voortuinwedstrijd) te stimuleren.

De gemeentelijke parken dienen aantrekkelijker gemaakt te worden. Bijzondere aandacht gaat naar de begraafplaatsen die groene plekken van rust en bezinning moeten zijn.

Aanplantingen van streekeigen groen, van knotbomen, hagen en houtkanten worden ook in de toekomst gestimuleerd.

Het lokaal bestuur zoekt ruimte om volkstuintjes in te richten. Dit heeft als voordeel het creëren van ontmoeting en het promoten van lokaal geteelde en gezonde voeding.

Het lokaal bestuur maakt samen met het Regionaal Landschap werk van het realiseren van waardevolle natuurverbindingen, steeds in overleg met de andere ruimtegebruikers zoals de landbouw. 

Het lokaal bestuur moet een weloverwogen vergunningenbeleid voeren, en eventuele inbreuken consequent opvolgen.

Klimaat en energie

Via de burgemeestersconvenant en het klimaatactieplan is het lokaal bestuur een belangrijk engagement aangegaan: tegen 2020 haar energieverbruik met 20% reduceren. Dit moet een speerpunt blijven van het gemeentelijk beleid. Herorganiseren van de eigen werking, energiebesparende maatregelen in de overheidsgebouwen (zonnepanelen op alle overheidsgebouwen), het informeren, sensibiliseren, doelgericht subsidiëren, … verdient inzet van de vereiste middelen.

De openbare verlichting is een grote elektriciteitsverbruiker binnen de gemeente. Het vervangen door LED-verlichting dient verdergezet te worden.

Partners

In samenspraak en goed overleg met de vele vrijwilligers die actief zijn in het kader van natuur-en milieubehoud, dient het lokaal bestuur een duurzaam lokaal natuur-en milieubeleid uit te werken dat ook sensibiliserend werkt ten aanzien van de inwoners. De milieuraad speelt hierin als adviesorgaan een centrale rol.

Het lokaal bestuur heeft een goede samenwerking met Natuurpunt voor het beheer van belangrijke natuurgebieden, bijvoorbeeld in de kleiputten, in onze gemeente. Deze samenwerking wordt verder ondersteund.

Samenwerking met het Regionaal Landschap Rivierenland loopt goed en dient te worden bestendigd. Samenwerking met het Kempisch Landschap dient benut te worden.

Veiligheidszorg

Politie 

Veiligheid is een belangrijke basisbehoefte van mensen en een gedeelde verantwoordelijkheid. Het politiecollege bepaalt het beleid voor de betrokken gemeenten en kent een wisselend voorzitterschap zodat de betrokkenheid van elke gemeente wordt verhoogd. De gemeenteraad neemt kennis van de verslagen van de politieraad en overlegt via de raadscommissies over het beleid van onze politiezone. Het lokaal bestuur ondersteunt de preventiecampagnes van de Lokale Politiezone Rupel en versterkt de veiligheidsboodschappen via het lokaal bestuurlijke communicatiekanalen zoals Facebook, Twitter, gemeentelijk infoblad, informatieborden,…om de inwoners aan te zetten preventieve maatregelen te nemen.

Om de veiligheid te garanderen is soms  politietussenkomst nodig. Voor dringende politiehulp wordt 101 gebeld en komen de interventieploegen binnen maximaal 12 minuten ter plaatse.
Voor de niet dringende politiehulp staat een wijkteam ter beschikking. Voor de Rumstse bevolking zijn dat 5 wijkinspecteurs en 1 gerechtelijk inspecteur. Zij zijn bereikbaar via verschillende communicatiekanalen, waarvan de belangrijkste de Rupelse Blauwe Lijn is (03 443 09 00). Maar ook via de gesloten Facebookgroep ‘politie rupel wijkteam Rumst’ en een melding op de website www.politiezonerupel.be kan men niet dringende veiligheidsproblemen melden. Binnen de 3 werkdagen zal er iemand van het wijkteam contact opnemen. Op deze manier zorgen we ervoor dat het wijkteam daar is waar nodig. Er moet voor gezorgd worden dat het wijkteam zo veel mogelijk tot bij de burgers geraakt (huisbezoeken, controles kort parkeren,….) en de niet dringende problemen kan oplossen. De permanentiedienst in het gemeentehuis kan in het licht daarvan gereorganiseerd worden. Een afspraak maken met de wijkagent moet steeds mogelijk zijn (via de Rupelse Blauwe Lijn, website politie, onthaal gemeentehuis). Men kan steeds met of zonder afspraak terecht op het zonecommissariaat in Boom van 8u tot 20u en dit 365 dagen op een jaar. Zo trachten we het contact tussen onze inwoners en het wijkteam aan te halen.

Voor onze gemeente zijn de belangrijkste fenomenen waar de politie op werkt: woningdiefstallen, verkeersveiligheid en huiselijk geweld.

Jammer genoeg is onze gemeente door haar ligging kwetsbaar voor woninginbraken, kleine diefstallen,…. De politie neemt haar verantwoordelijkheid, maar burgers hoeven geen weerloze slachtoffers te zijn. Ten aanzien van een thema dat vele inwoners nauw aan het hart ligt, is het vanzelfsprekend dat zij ook zelf een rol kunnen spelen. Daarvoor bestaat trouwens een geschikt instrument, dat ook in onze gemeente aanwezig is. In Terhagen en op de Vosberg is een Buurt-Informatienetwerk (BIN) actief, dat de samenwerking tussen de politie en de inwoners versterkt door de uitwisseling van informatie. Burgers worden gesensibiliseerd om hun omgeving veiliger te maken, en helpen de politie door te zorgen voor een gezonde sociale controle. Op het einde van deze bestuursperiode moeten deze netwerken het hele grondgebied  van het lokaal bestuur bestrijken, en onze inwoners een plaats geven in het veiligheidsbeleid.
Daarenboven onderzoekt het lokaal bestuur de mogelijkheid om bij een bouwaanvraag een diefstalpreventieadvies verplicht te maken en hier tegenover een mogelijke subsidie toe te kennen. De politie garandeert dat bij een poging of effectieve inbraak alle bruikbare sporen en mogelijke onderzoekelementen maximaal worden geëxploiteerd door de lokale recherche om de daders te vatten.

Op het vlak van verkeer gaat de aandacht van politieambtenaren van Politie Rupel in het algemeen en deze van het verkeersteam (7 personen) prioritair naar verkeersveiligheid.
Er wordt dan ook gekeken naar daar waar verkeersongevallen met gekwetsten plaatsvinden. Het doel is het aantal gekwetsten te doen dalen door te werken aan de 4 belangrijkste oorzaken van gewonden in het verkeer: overdreven snelheid, alcohol en drugs, niet dragen van de veiligheidsgordel, GSM gebruik en niet respecteren van de voorrangsregels. Daarnaast is er aandacht voor de zwakke weggebruikers (voetgangers, fietsers en bromfietsers) en zwaar vervoer. Alle inbreuken die door de ANPR (automatische nummerplaatherkenning toestellen) camera’s op het Rumstse grondgebied worden geregistreerd (snelheid en negeren van de tonnagebeperking) worden 24u/24u beboet. Het lokaal bestuur Rumst zorgt voor voldoende middelen voor de Politie via de geïnde boetes zodat er voldoende administratief personeel (burgerpersoneelsleden) is om de inbreuken te verwerken.  De inbreuken vereisen immers stipte opvolging. Anderzijds pleiten we ervoor de boetes op te trekken. De praktijk toont immers aan dat de huidige boete te laag is om ernstig te worden genomen door grote bedrijven.
In tweede instantie wordt er gekeken naar daar waar het verkeer overlast veroorzaakt. Bij klachten van bewoners wordt een anoniem analysetoestel of preventieve snelheidsborden ingezet.
Bij wegenwerken wordt de politie maximaal betrokken bij de voorbereiding van de werken, onder de vorm van een advies.

In het raam van huiselijk geweld organiseert en ondersteunt het lokaal bestuur het overleg tussen de verschillende partners die samen een oplossing kunnen bieden voor problematische gezinnen. Het lokaal bestuur bevordert de kennisdeling en ondersteunt de campagnes huiselijk geweld (affiches ophangen en delen van informatie via de communicatiekanalen van het lokaal bestuur), ook door het verderzetten van de organisatie van trefdagen met alle betrokken hulpverleners.

Onze inwoners ondervinden vaak last van “overlasthoekjes”, jongeren die samen komen om drugs te gebruiken en / of te verhandelen, evenals van openbaar alcoholmisbruik door jongeren op straat voordat ze naar een fuif gaan. Ze hechten zich soms aan een bepaalde locaties en trekken soms rond. Via meldingen van inwoners brengt de politie dit in kaart, en is dit een aandachtspunt van de interventieploeg. In het belang van de gezondheid en veiligheid van deze jongeren is een snelle en kordate aanpak wenselijk.

Brandweer

Onze gemeente maakt deel uit van de Brandweerzone Rivierenland. De bouw van een tweede  brandweerkazerne op grondgebied van onze gemeente ligt in het verschiet, en verdient alle ondersteuning (degelijk onderhoud gebouwen, voldoende middelen voor degelijk materieel) teneinde een gebiedsdekkende performante hulpverlening te garanderen. Voor de post Rumst dient verder ingezet te worden op de aanwerving van voldoende vrijwilligers. Aan de jeugdverenigingen kan een workshop brandveiligheid worden aangeboden, en kunnen jongeren geïnformeerd over de vrijwilligerswerking bij de brandweer.

Noodplanning

Een noodplanambtenaar in het kader van een gemeentelijke samenwerking moet gegarandeerd blijven.

Ondernemen en werken

Economie en middenstand 

Een gemeente heeft ondernemers nodig. Zij bieden werkgelegenheid dichtbij huis en zorgen ervoor dat we producten in eigen gemeente kunnen kopen.
Door een efficiënte dienstverlening o.a. via het ondernemingsloket, eenvoudige en eenduidige reglementering, eerstelijnshulp bij vergunningsaanvraag en rechtvaardige belastingen wordt de gemeente nog bedrijfsvriendelijker. Daarnaast creëert het lokaal bestuur voldoende ruimte om te ondernemen, bij voorkeur op aangepaste bedrijfsterreinen.

Detailhandel is een sector in beweging. Heeft het lokaal bestuur een juiste kijk op het veranderende aanbod in onze gemeente? En op het veranderende klantengedrag? Wat gebeurt er in vergelijkbare gemeenten? Hoe beoordeelt het lokaal bestuur nieuwe aanvragen? Wat is de marktruimte voor bepaalde branches? De provincie biedt met gespecialiseerde instrumenten inzichten voor een goed onderbouwd ruimtelijk-economisch vergunningenbeleid. Experten van de provincie Antwerpen begeleiden het lokaal bestuur met het uittekenen van een toekomstgericht detailhandelsbeleid én met de uitvoering ervan. Als lokaal bestuur kunnen we beroep doen op één van de detailhandelscoaches. Zij komen ter plaatse en werken samen met de betrokken schepenen, ambtenaren en handelaars een traject uit op maat van onze gemeente.

Door het ondersteunen van start-ups en pop-ups gaan we leegstand tegen in onze handelskernen.

Via netwerkmomenten zorgt het lokaal bestuur ervoor dat de lokale ondernemers elkaar kunnen ontmoeten en versterken. Samenwerking met zelfstandigenorganisaties zoals UNIZO, VOKA, … is hier dienstig.  Via de economieraad geeft deze sector advies bij het gemeentelijk beleid.

Een bloeiende lokale middenstand zorgt voor leefbare en aangename woonkernen. Deze wordt dan ook door het lokaal bestuur ondersteund, bv. door rekening te houden met de handelaars in het parkeerbeleid, door voldoende aandacht te hebben voor buurtwinkels en het stimuleren daarvan, aandacht te hebben voor de zichtbaarheid van de etalages, de promotie van de wijkmarktjes en de jaarmarkt. Daarnaast willen we ook winkels aantrekken in onze dorpskernen. Daarvoor moet worden ingezet op de beleving. Citymarketing is een duur woord dat we op een creatieve manier willen invullen. Bij nieuwe grootschalige projecten moet het lokaal bestuur aandacht hebben voor voorzieningen voor buurtverzorgende handel.

Bij openbare werken worden de handelaars op voorhand betrokken bij de planning, en wordt een duidelijk inspraak- en communicatietraject gevolgd.

Toerisme

De jongste jaren is het toerisme in onze streek en in onze gemeente opmerkelijk toegenomen. Het zou dom zijn niet mee te surfen op die golf. Toerisme Rupelstreek is hierin een belangrijke partner. Het te vernieuwen museum Rupelklei past in die logica. Maar het is zeker niet het eindpunt. Bezoekers moeten meer van onze gemeente kunnen ontdekken, en ertoe aangezet worden niet enkel op de dijk te komen.  Plattelands- en hoevetoerisme stimuleren we daarbij graag. Een kruisbestuiving tussen toerisme en lokale economie versterkt beide.

Voorbeelden van zaken die dit alles kunnen versterken:

  •  kant-en-klare pakketten van daguitstappen en bezoeken in onze gemeente
  • voldoende aandacht voor streekproducten, folklore en festiviteiten, musea
  • samenwerking met lokale handelaars en met de horeca in het bijzonder
  • oplaadpunten voor elektrische fietsen uitbreiden
  • zitbanken en straatmeubilair onderhouden en waar nodig bijplaatsen
  • uitbouwen van een aanlegkade voor pleziervaartuigen in onze gemeente
  • lokale unieke evenementen en gebeurtenissen extra promoten
  • promoten en ondersteunen van B&B en hoevetoerisme.
  • de nodige info voorzien op de website en via de sociale media
  • een onderhouden toeristische kaart van het lokaal bestuur met een goed overzicht van de parkeermogelijkheden
  • onderhoud van wegen, fiets- en wandelpaden, met een duidelijke bewegwijzering,
  • de verdere uitbouw van trage wegen maar in samenspraak met alle betrokkenen

Land- en tuinbouw

 Specifiek voor de landbouwsector doen we al wat mogelijk is om de sector in onze gemeente leefbaar te laten blijven. Waar dat nuttig is, bevorderen we de integratie van nevenfuncties in landbouwbedrijven (landbouwtoerisme, B&B, educatieve projecten…), waar dat nodig is, faciliteren we maatregelen die tot schaalvergroting kunnen leiden.  Het behoud en waar mogelijk uitbreiding van de ruimte voor land- en tuinbouw is in dit kader essentieel. Open /groene ruimtes moeten behouden blijven. Er worden geen nieuwe projecten opgestart die groene ruimtes/landbouwgebied doen verdwijnen. We moeten er immers over waken dat er in onze gemeente voldoende beschikbare oppervlakte blijft voor de professionele land- en tuinbouw. Het lokaal bestuur dient in dat verband ook op te treden tegen de “vertuining” van het landbouwgebied, zowel via een doordacht beleid van ruimtelijke ordening als door handhaving.
Landbouwbedrijven die werken met hernieuwbare energie en duurzame vooruitstrevende technieken verdienen ondersteuning. Groenbedekking als middel tot duurzame landbouw wordt verder ondersteund.
De land- en tuinbouwsector heeft inspraak in het gemeentelijk beleid via de landbouwraad. Bij grote dossiers of projecten worden alle bedrijven uitgenodigd en geïnformeerd, en wordt een duidelijk inspraaktraject op voorhand vastgelegd. Bij het tragewegenbeleid wordt steeds de toets met deze sector gedaan. Verdere versnippering van het landbouwgebied moet vermeden worden.

Sinds enkele jaren gaat in onze gemeente jaarlijks een plattelandsmarkt “ ’t is lekker, ’t is van hier” door. Zo kunnen onze inwoners kennis maken van het ruime aanbod van voeding dat in onze gemeente wordt geproduceerd. Deze plattelandsmarkt kan steeds op grote belangstelling rekenen, en kan in de toekomst nog worden uitgebouwd. Meer zelfs, de plattelandsmarkt kan een dagelijks concept worden via bijvoorbeeld verkooppunten van lokale voedingproducenten.

Wonen en ruimtelijke ordening

Ruimtelijke planning 

CD&V-3D wenst dat onze gemeente – zoals voorzien in het Structuurplan Vlaanderen – grotendeels buitengebied is en blijft. Het lokaal bestuur moet erop toezien dat er – in die ruimtelijke context - voldoende ruimte is om (betaalbaar) te wonen, te werken, te ondernemen, te zorgen, ons zich te ontspannen en te verplaatsen, zowel vandaag als in de toekomst. Ook economisch is een goed doordachte ruimtelijke ordening een noodzaak. Dit is gebaseerd op een evenwicht tussen de verschillende ruimtegebruikers en ruimtebehoeften dat het best in overleg met de onderscheiden gebruikers kan gevonden worden.

Door de Vlaamse overheid is in het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen een “betonstop” voorzien. Wij moeten voor onze gemeente bekijken hoe we dit kunnen implementeren zonder meer verstedelijking (lees meer hoogbouw).

Lintbebouwing is uit den boze. Straten waar de laatste tientallen jaren grote stukken volgebouwd werden, moeten op lange termijn de omgekeerde beweging maken. Deze lintbebouwing moet een uitdovend karakter krijgen, zodat we terug meer zicht krijgen op de open ruimte tussen onze verschillende woonkernen.

Om dit alles te realiseren zet het lokaal bestuur in op samenwerking met privé-investeerders en overheden om binnen haar visie initiatieven te nemen. Bovendien zorgt het lokaal bestuur voor duidelijkheid in de mogelijkheden en beperkingen van de ruimtelijke ordening.

Het gebied Molleveld dient te worden ontwikkeld met ruimte voor groen, betaalbaar wonen, parkeren en buurtwinkels. Hiervoor zoeken we partners bij de huidige eigenaars van de gronden. 

We volgen eveneens met bijzondere aandacht het provinciaal strategisch project Rupelstreek. Het strategisch project Rupelstreek betreft een gebiedsgerichte benadering van het voormalig, huidig en toekomstig ontginningslandschap langs de cuesta van de Rupel, tussen de kernen van Boom en Rumst. Rekening houdend met zowel de economische doelstellingen als de maatschappelijke wensen wordt een totaalvisie voor dit gebied ontwikkeld en zal verdere versnippering van dit gebied worden voorkomen.

Het Provinciebestuur van Antwerpen, de BAM en De Vlaamse Waterweg hebben aan het lokaal bestuur een voorstel toegelicht waarbij overtollige gronden van grote openbare werken ( Oosterweel ) gedeeltelijk een plaats kunnen krijgen in de gemeente Rumst, in het bijzonder in de kleiputten. De verplichte sanering van de vroegere stortplaatsen van Eternit en van de stad Antwerpen  wordt hiermee opgestart. Het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan heeft aandacht voor de hoge natuurwaarde van het gebied. Het lokaal bestuur voorziet een multifunctionele invulling waarbij moet worden verzekerd dat wandelaars, vissers en andere zachte recreanten het terrein kunnen blijven gebruiken. Ook de bossen dienen toegankelijk te blijven voor publiek. Het lokaal bestuur suggereert om de aanwezige visvijvers in het gebied te handhaven. Het suggereert ook om een verbinding (op niveau) in het verlengde van de Hoogstraat tussen Terhagen en Reet te herstellen ( zoals ze bestond voor de ontginning van de klei ) en stelt als voorwaarde dat de waterhuishouding in de bestaande kleiputten niet mag worden ontregeld. Het gebied is immers een grote opvangbuffer voor regenwater. Alleszins dienen alle gebruikers van het gebied en onze inwoners via een participatietraject mee het herstel van dit landschap uit te tekenen.

Bij de opmaak van een RUP moet onderzocht worden of op strategische locaties een voorkooprecht dient te worden voorzien voor de gemeente.  Er kan hiermee een oplossing geboden worden om de oude, verloederde panden uit het straatbeeld te laten verdwijnen en een nieuwe dynamiek te brengen in de buurt.  Het heffen van een belasting op verkrotting en verwaarlozing is een bijkomend instrument om de verwaarlozing tegen te gaan.

Bij de ontwikkeling van nieuwe woonwijken kan het lokaal bestuur bijdragen aan het openbaar domein met aandacht voor zowel de verkeersveiligheid, het waterbeheer als het groen.

Groene rustpunten in woonwijken zijn erg belangrijk. In de dichtbebouwde woonkernen moet elke inwoner op maximum 250 m van zijn woning zulke een groen rustpunt vinden. Dit kunnen gewone graspleintjes zijn, met een of meer rustbanken, een vuilnisbakje, eventueel een speeltuigje, enz.

In het kader van de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk in de deelgemeente Reet wordt de Monnikenhofstraat – Hazeweg aangelegd.

Het lokaal bestuur moet ook naar de toekomst toe voldoende rechtszekerheid bieden inzake ruimtelijke ordening. Het verder uitwerken van RUP’s kan daarin helpen.
Het lokaal bestuur moet een weloverwogen vergunningenbeleid voeren, en eventuele inbreuken consequent opvolgen.
Tenslotte is bij dit alles communicatie naar en inspraak van inwoners, betrokkenen en de GECORO (gemeentelijke adviescommissie ruimtelijke ordening) van belang.

Dorpskernvernieuwing

Rumst, Reet en Terhagen zijn drie fijne dorpen om te wonen, maar als we heel eerlijk zijn, kan er meer gebeuren met onze dorpscentra. De Markt in Rumst, het Brooikensplein en het kerkplein in Reet of het centrum van Terhagen bijvoorbeeld hebben meer in hun mars dan nu het geval is. Ze moeten de rustig kloppende harten van onze dorpen worden – een ontmoetingsplaats voor bewoners en bezoekers. De inrichting van de pleinen moet worden aangepast aan die ontmoetingsfunctie.
Dit kan door kleine ingrepen, bijvoorbeeld door voldoende groene rustpunten te voorzien. Maar we willen een stapje verder gaan. Immers, zeker de dorpen Rumst en Terhagen ontlenen een groot deel van hun charme aan de aanwezigheid van water. Dat water blijft echter, op wat uitzonderingen na, aan de rand van de kernen, voor de dijken. In de dorpen zelf is het water amper zichtbaar. Nochtans maakt water een stad of dorp meer levendig – kijk maar hoe steden als Mechelen of Gent er werk van maken om waterlopen die eens ondergronds werden verstopt weer zichtbaar te maken. In de Duitse stad Freiburg heeft men heel geslaagde experimenten ondernomen met “beekjes” in het straatbeeld. Het moet mogelijk zijn het zelfde te doen bij ons, zij het natuurlijk aangepast aan het formaat en de structuur van onze kernen. De aanwezigheid van water op enkele pleintjes of straten nodigt onze inwoners misschien uit meer buiten te komen, ervan te genieten en een praatje te slaan met elkaar. Een link met een aanlegplaats voor en / of een plaats voor het te water laten van pleziervaartuigen zou het helemaal af maken.
Kinderen zorgen niet alleen voor ontmoeting, ze zijn ontmoeting. Daarom moet ook zorg gedragen worden voor een kindvriendelijke openbare ruimte. Dat betekent in de eerste plaats een veilige ruimte, maar ook een ruimte waarin kinderen leuke dingen ontmoeten, en onverwacht speelgelegenheid krijgen. Vaak kan dat met heel kleine ingrepen gebeuren, bijvoorbeeld door een klein speeltuig te plaatsen aan een bushalte – dat maakt het wachten stukken minder vervelend. Daarnaast blijven wijkspeeltuintjes erg waardevol.

In de deelgemeente Rumst wordt door aanleg van nieuwe centrumstraten de Markt en het centrum vernieuwd. We willen nieuwe ontmoetingsplekken creëren, waardoor het lokaal bestuur ook aanwezig zal zijn in dat centrum (bijvoorbeeld door een herlocatie en vernieuwing van de bibliotheek).

In de deelgemeente Reet werden de centrumstraten net vernieuwd, maar is er nog werk aan het Brooikensplein en het kerkplein. Ook in deze deelgemeente wordt er meer ruimte voor ontmoeting voorzien bijvoorbeeld in Hoogvelden.

In Terhagen liggen heel wat kansen om de rijke geschiedenis mee te nemen en gelijktijdig nieuwe bestemmingen te vinden opdat Terhagen een bloeiende deelgemeente wordt.
Als wordt beslist de kerk van Terhagen aan de eredienst te onttrekken, zullen we graag mee op zoek gaan naar een nieuwe bestemming, die ervoor zorgt dat dit gebouw een maatschappelijke rol in het dorp kan blijven spelen.
De plannen van de site Rupelklei worden gereactiveerd en voorgelegd aan inwoners en verenigingen alvorens definitief vastgelegd. Deze site Rupelklei moet een ontdekkings- en ontmoetingsplaats worden voor jong en oud, zowel van binnen als buiten Rumst.
De site van de sporthal wordt verder uitgebouwd met nieuwe vrijetijdsinfrastructuur.
Op deze manier worden de functies die het dorpshuis nu vervult elders in de dorpskern ontplooid, en kan de site van het dorpshuis ontwikkeld worden met een woon- en pleinfunctie.
Tot slot willen we de twee toegangspoorten van Terhagen volledig vernieuwen. De Kapelstraat dient in tweede fase afgewerkt te worden, en de rotonde Nieuwstraat – Schransstraat – Crequilei wordt aangelegd, met een keerlus voor de vrachtwagens en een mooie groenbuffer.

Cultuur en vrije tijd

Cultuur

Via het ondersteunen van verenigingen en inwoners evenals eigen initiatieven willen we als lokaal bestuur cultuur voor alle Rumstenaars toegankelijk maken.

Een actieve cultuurraad adviseert het lokaal bestuur in haar cultuurbeleid. Deze cultuurraad is evenwichtig samengesteld uit vertegenwoordigers van de verenigingen en deskundigen. In onze gemeente wordt immers veel aan cultuur gedaan, zowel door socio-culturele verenigingen, als door beoefenaars van diverse kunsten en ambachten.

Het lokaal bestuur ondersteunt niet alleen, maar neemt ook zelf initiatieven om cultuur in de ruime zin van het woord toegankelijk te maken voor iedereen, bijvoorbeeld door het organiseren van tentoonstellingen, edm.

Via een cultuurmarkt zouden onze inwoners kunnen kennis maken met het uitgebreide cultuuraanbod in onze gemeente. En waarom laten we via een participatie van onze lokale horeca aan deze markt de bezoekers ook niet culinair genieten?

Muziek is een belangrijke bron van ontspanning. De harmonieën, fanfare en muziekacademie verdienen dan ook alle steun. Via samenwerking kunnen zij elkaar zelfs versterken. Bijvoorbeeld: door het inventariseren en actief beheren van de muziekarchieven van de verschillende muziekverenigingen kan het lokaal bestuur een ondersteuning bieden en kunnen de verenigingen terugvallen op een uitgebreide muziekbibliotheek, leerlingen van de muziekacademie kunnen samenspel doen binnen een bestaande muziekvereniging.

De plannen van de site Rupelklei worden gereactiveerd en afgetoetst met bevolking en verenigingen alvorens zij definitief worden vastgelegd. Deze site Rupelklei moet een ontdekkings- en ontmoetingsplaats worden voor jong en oud, zowel van binnen als buiten Rumst.

We willen in elke gemeente infrastructuur aanbieden waar mensen elkaar kunnen ontmoeten.

Ontmoeting en cultuur moet logistiek mogelijk worden gemaakt door o.a.:

  • de nodige lokalen te voorzien,
  • voldoende aanbod van degelijk materiaal te voorzien.

Bibliotheek

Sinds kort is het niet meer verplicht voor een gemeente om een bibliotheek te onderhouden. Wij kiezen er echter resoluut voor dat wel te doen, en willen van de Rumstse bibliotheek een voorbeeld maken. Dat vereist investeringen in mensen en middelen, maar die hebben we ervoor over. Een bibliotheek blijft immers de drager van de leescultuur op lokaal vlak, en dat is en blijft belangrijk.
De bibliotheek moet blijven waken over een gediversifieerd aanbod, niet enkel naar inhoud, maar ook naar vorm. Er moet ingespeeld worden op nieuwe media, zoals e-readers, en mensen moeten geholpen worden de stap naar die nieuwe media te zetten. In die zin is de bibliotheek geen bewaarplaats van boeken, maar een plaats waar verhalen worden uitgewisseld en waar mensen de kans krijgen kennis op te doen en zich te ontspannen. De bibliotheek moet dan ook een speerpunt van het gemeentelijke cultuurbeleid worden. De centrale bibliotheek wordt geherlocaliseerd.
Iedereen moet de kans krijgen om van de dienstverlening van de bibliotheek te genieten. 
Zo moeten minder mobiele mensen gebruik kunnen maken van het aanbod van onze bibliotheek. Daarom moet, indien nodig de bibliotheek naar de klant toegaan met bijvoorbeeld het thuisbezorgen van boeken, of een filiaalbus.
Als leerplek moet de bibliotheek ook bijzondere aandacht besteden aan het mee aan boord houden van senioren bij de technologische evoluties. Wie een evolutie mist, raakt ook een beetje buiten de groep en vereenzaamt zonder het te merken. Daarom is het belangrijk dat onze senioren echt geholpen worden om niet bang te zijn van de informatietechnologische evoluties van vandaag en morgen.

Erfgoed

Onze eigen inwoners moeten ook de kans krijgen de mooie plekjes en het erfgoed van onze gemeente te ontdekken. Naast de zomervertellingen komen er als het van ons afhangt ook zomerwandelingen, die misschien wel kunnen uitgroeien tot blijvende leerpaden, waarbij iedereen kennis kan maken met het vele moois dat in Rumst te vinden is. Daarnaast kunnen tijdens de zomer ook ontmoetingsavonden worden georganiseerd telkens op een ander mooi plekje in onze gemeente, in samenwerking bvb. met de plaatselijke horeca.

Bij de (her-) inrichting van straten en pleinen is de waardering voor erfgoed of de integratie van kunst een bijzonder aandachtspunt.

We gaan daarnaast op zoek naar manieren om verdwenen (religieus en bouwkundig) erfgoed weer een plaats te geven in het landschap van de gemeente, in de mate van het mogelijke in de buurt waar het zich ooit heeft bevonden.

Er wordt een databank opgericht met foto’s van de te ontruimen graven. Hiervoor wordt samengewerkt met de verschillende fotoclubs in onze gemeente en de heemkundige verenigingen. Bij het ontruimen worden de attributen (foto’s edm.) op grafstenen aangeboden aan de familie

Erfgoed is echter ruimer dan monumenten. Personen, families en zeker verenigingen verzamelen in de loop der jaren documenten en voorwerpen die veel vertellen over de geschiedenis van onze gemeente. Maar wie gaat het allemaal bewaren ? In samenwerking met de buurgemeenten maken we werk van een streekarchief waar dergelijke archieven professioneel bewaard en ontsloten kunnen worden.     
Ten slotte moet ook zorg worden gedragen voor het immateriële erfgoed, zoals culinaire specialiteiten, dialecten en gebruiken. Zij moeten geïnventariseerd en bewaard worden, maar ook een nieuw leven krijgen in een hedendaags kleedje.

De juridische structuur van het museum Rupelklei dient geactualiseerd te worden, en de werking ervan dient blijvend ondersteund te worden. Hiervoor dient een degelijke nieuwe infrastructuur te worden voorzien. Tevens dient te worden ingezet in de opleiding van vrijwillige gidsen. Door het betrekken van scholen en jongeren wordt de geschiedenis levendig gehouden.

Bij dit alles is de samenwerking van het lokaal bestuur met de heemkundige kringen, De Root en Rumesta, nodig.

Feesten en tradities

Onze gemeente heeft - vooral tijdens de zomervakantie - geen tekort aan grote en kleine organisaties. Fanfarissimo, Reetse Dorpsfeesten, Lichtfeesten, Vosbergfeesten, Rumstse Volksfeesten, Paepedaelenfeesten, Terhaagse Feesten en andere straatfeesten en festivals zorgen voor verzoeting en een feestelijke sfeer. Het lokaal bestuur zal deze organisaties blijven steunen. 

Onze gemeente organiseert – op grond van een lange traditie – een aantal kermissen. Sinds 30 jaar organiseert het lokaal bestuur ook feestmarkten. Voor wie in de zomer niet op reis gaat is een kermis of feestmarkt een gelegenheid voor ontspanning in eigen buurt. Vraag en aanbod moeten wel in overeenstemming zijn. Daarom dient een weloverwogen planning te worden opgemaakt.

De jaarmarkt in de deelgemeente Rumst kent een grote bloei. Zij verdient blijvende ondersteuning en dient een feest van ontmoeting te blijven voor alle inwoners.

Verenigingen

De vele socio-culturele verenigingen, jeugd- en sportverenigingen die onze gemeente rijk is, zijn dé ontmoetingsplaats bij uitstek voor veel inwoners van onze gemeente. Bovendien worden zij vaak draaiende gehouden door een uitgebreide groep van vrijwilligers. Traditioneel steunt de overheid, en dus ook het lokaal bestuur, het verenigingsleven op vele vlakken. Soms gebeurt dit in het kader van een concrete vorm van samenwerking tussen het lokaal bestuur en een vereniging, en dan is het normaal dat er voorwaarden verbonden zijn aan die subsidie. Wanneer de subsidie echter van algemene aard is, en de algemene werking van de vereniging wil ondersteunen, omdat wat de vereniging doet ook echt belangrijk is, past het terughoudend te zijn met het opleggen van voorwaarden. Verenigingen hebben ook hun vrijheid, en die willen we niet kopen door middel van een subsidie. Voorwaarden die verder gaan dan de basiseisen inzake goed bestuur en goed besteding van overheidsmiddelen, worden enkel opgelegd als daar aan aangetoonde noodzaak toe bestaat.
Vrijwilligers en verenigingen verdienen alle respect en waardering. In onderling overleg met jubilerende verenigingen (25 jarig bestaan of een veelvoud daarvan) kan het lokaal bestuur een huldiging organiseren. De vorm van deze viering (ontvangst op het gemeentehuis, huldiging tijdens eigen festiviteiten,….) wordt vastgelegd in samenspraak met de betrokken vereniging.

CD&V-3D erkent het belang van wijk- en buurtwerking. Wijk- en straatverenigingen zijn het middel bij uitstek om mensen samen te brengen, los van welke ideologie of interesse dan ook.  Straten of wijken waar nog geen actieve werking is, moeten aangespoord worden om een dergelijke werking op te zetten. In de mate dat er structurele vragen zijn - en mits een aantoonbare werking - kunnen deze verenigingen dan rekenen op actieve steun van het lokaal bestuur. 

Het uitleenmateriaal voor de verenigingen wordt tijdig vernieuwd en aangepast aan de noden van vandaag. De betaalbaarheid wordt gegarandeerd.

Het nieuwe decreet lokaal bestuur laat toe dat het lokaal bestuur het budgethouderschap (de budgetverantwoordelijkheid) voor bepaalde projecten delegeert aan wijkcomités en burgerinitiatieven. Op die manier wordt de verantwoordelijkheid voor die projecten, ook financieel, toevertrouwd aan wie er in de eerste plaats mee te maken heeft.
Jammer genoeg wordt van die mogelijkheid te weinig gebruik gemaakt, en ook in Rumst hebben we nog niet de gelegenheid gehad dit in de praktijk te brengen. Dat moet anders in de bestuursperiode 2019-2024. Bestaande en nieuwe initiatieven moeten de kans krijgen verantwoordelijkheid te vragen en te krijgen. De gemeenteraad moet een duidelijk en objectief kader maken waarbinnen verenigingen budgethouderschap kunnen krijgen, en in naam en voor rekening van het lokaal bestuur projecten kunnen uitvoeren. Dat is een blijk van respect voor de bewoners die zich op een of andere manier engageren en een blijk van vertrouwen in het oude en nieuwe verenigingsleven.

Verenigingen kunnen zich in samenwerking met het lokaal bestuur ten dienste stellen van de gemeenschap op verschillende manieren:

Sneeuwvrij houden voetpaden van hulpbehoevenden

  • Bedelen publicaties
  • Opruimacties zwerfvuil
  • Samenwerking met OCMW bijvoorbeeld:
    • Hulp met boodschappen
    • Naar bibliotheek gaan

Sport 

Het lokaal bestuur zorgt ervoor dat zoveel mogelijk mensen de mogelijkheid krijgen om aan sport te doen in goede omstandigheden. Het lokaal bestuur ondersteunt op verschillende manieren de werking van sportverenigingen. Aandacht voor jeugd- en ouderen werking is een belangrijk aandachtspunt.

Een goed sportbeleid is laagdrempelig en wordt bepaald in overleg met de lokale actoren. Een evenwichtig samengestelde sportraad zorgt daarbij voor de nodige inspraak en participatie van de sporters, onder meer via werkgroepen voor deelsporten, G-sport,..

Daarnaast zal het lokaal bestuur in voldoende sportinfrastructuur voorzien zodat de lokale bevolking in de eigen gemeente kan sporten, ook individueel.
Sportclubs worden ondersteund via gerichte subsidies (bvb. voor bouwen,).

Sporten kan de verbondenheid van mensen vergroten. Wanneer men in eigen gemeente, dicht bij huis, sportfaciliteiten vindt, is dit ook een versterking van de lokale gemeenschap.

Sommige sportclubs zijn zonevreemd en zullen op termijn zelfs moeten geherlocaliseerd worden (bvb. tennisclub in kleiontginningsbied)  Er is echter nood aan ruimte voor deze clubs. We willen mee gepaste ruimte zoeken voor deze clubs. Er moeten zones in kaart gebracht worden voor sport- en recreatie. Vandaag is er te weinig ruimte in onze gemeente die hieraan voldoet.

De herbestemming van de gronden n.a.v. de ontdieping van de kleiputten bieden wellicht bijkomende mogelijkheden voor recreatieve sport die verzoenbaar is met de natuur.

Voor ons is het belangrijk dat het lokaal bestuur brede initiatieven van onze verenigingen ondersteunt. Sportieve activiteiten zoals wandelingen, joggings, wielerwedstrijden en fietstochten moeten ten volle worden ondersteund. 

Onze gemeente heeft geen eigen zwembad. Om de zwemsport te promoten en onze inwoners aan te moedigen om regelmatig te gaan zwemmen wordt een subsidie toegekend voor zwemabonnementen van zwembaden in onze regio. Intergemeentelijke samenwerking blijft een aandachtspunt. Een doordacht en betaalbaar intergemeentelijk project blijft voor ons bespreekbaar. In ieder geval moet schoolzwemmen mogelijk blijven en moet het lokaal bestuur ook hierin haar verantwoordelijkheid nemen (bv.: door het optrekken van budgetten om in naburig gelegen zwembaden te gaan zwemmen.

Jeugd

Onze gemeente is aantrekkelijk voor heel veel jonge gezinnen. Het is dan ook geen toeval dat er veel kinderen en jongeren in onze omgeving wonen. Voor deze groep is er de vorige jaren goed werk geleverd, zeker op het vlak van kinderopvang. Maar nu is het tijd om iets te doen voor de groep van de tieners. Voor die groep ontbreekt nog een vrijetijdsinfrastructuur op maat, waar bijvoorbeeld meer avontuurlijke vormen van sport en spel mogelijk zijn. Of er voor een volwaardig jeugdhuis een draagvlak is, is niet zeker, maar dat hoeft hoegenaamd niet te betekenen dat er op dat vlak niets kan gebeuren. Waarom niet denken aan een pop up jeugdhuis in de vakantieperiodes ?

Onze gemeente kent een bloeiend jeugdverenigingsleven dat steunt op de vrijwillige inzet van vele jonge mensen. Deze inzet verdient veel waardering omdat jeugdverenigingen en –ontmoetingsplaatsen jongeren ertoe aanzetten hun talenten te ontplooien en ter beschikking te stellen van de groep waarin ze actief zijn. Het lokaal bestuur ondersteunt de werking van de jeugdverenigingen via gerichte subsidies (bvb. bouwen en verbouwen, kampen, kadervorming, …).

Verenigingen worden aangemoedigd om een jeugdwerking te organiseren. Zo kan het aanbod voor de jeugd nog worden uitgebreid in de verschillende sectoren zoals sport, cultuur, edm.

Kinderen en jongeren mogen samenkomen om plezier te maken en hebben plaats nodig om in open lucht te spelen. Meer speelbossen en/of speelterreinen dienen voorzien te worden in plannen van ruimtelijke ordening. Dit moet in samenspraak met de buurt.  De speelmobiel bezoekt op woensdagnamiddag en in vakantieperiodes verschillende buurten, en kan ook ingezet worden in speelstraten, op buurtfeesten, edm. Voor de toegankelijkheid van natuur in het algemeen en de kleiputten in het bijzonder is het aangewezen dat met de jeugdverenigingen een convenant wordt opgemaakt waarin duidelijk wordt overeengekomen wat wel en niet kan.

We vinden een leeftijdsvriendelijk beleid heel belangrijk. Kinderen moet hun zegje kunnen doen in hun eigen gemeente via een forum voor kinder- en/of jongereninspraak, bijvoorbeeld via een kinder- en/of jongerengemeenteraad zijn. De jeugdraad adviseert het lokaal bestuur.
In tegenstelling tot wat de zeurpieten beweren, zijn vele jongeren van vandaag bewust bezig met maatschappelijk en sociaal engagement. Het bestuur moet die tendens ondersteunen en aanzwengelen waar mogelijk.

 

Kerken

Onze kerkgebouwen bepalen het uitzicht van onze dorpskernen en worden vandaag zinvol gebruikt – vooral, maar niet alleen voor de eredienst, en ook voor culturele en maatschappelijke activiteiten, zoals concerten. Wij ondersteunen dit, en hebben niet de intentie om dat te veranderen. Als wordt beslist de kerk van Terhagen aan de eredienst te onttrekken, zullen we graag mee op zoek gaan naar een nieuwe bestemming, die ervoor zorgt dat dit gebouw een maatschappelijke rol in het dorp kan blijven spelen.

Leren en onderwijs

Vrije keuze van onderwijs is een basisprincipe.
We houden eraan dat alle kinderen in onze scholen gelijke onderwijskansen krijgen. We gaan voor een blijvende investering in kwaliteitsvol onderwijs voor alle kinderen.

Er is nood aan een algemene visie over de beschikbare schoolgebouwen, waarbij een multifunctionele invulling mogelijk moet zijn. We willen zorgen voor een geschikte infrastructuur van de basisschool (kleuter- en lagere school) Eikenlaar, rekening houdend met de demografische vooruitzichten. De gebouwen van de basisschool Ter Doelhagen zijn verouderd en dienen te worden gerenoveerd.

Zorg en opvang

Gezin 

We denken aan de jongeren, maar ook aan hun ouders. Opvoeden is geen makkelijke klus, en het lokaal bestuur heeft zeker niet de pretentie dat beter te kunnen dan de ouders. We kunnen ouders echter wel helpen om elkaar te ondersteunen en bij elkaar inspiratie op te doen, bijvoorbeeld door de organisatie van geregelde opvoedingscafetaria’s, waar ouders tips en zorgen kunnen delen op een rustige en aangename wijze. Wij vangen de kinderen wel even op! Ook kunnen we helpen met het vinden van deskundig advies voor minder evidente thema’s, zoals sociaal-emotionele opvoeding en verslavingsproblemen. In onze gemeente is er nog geen erkend Huis van het Kind. Hiervan dient zeker werk te worden gemaakt teneinde de toekomstkansen van alle kinderen te verbeteren.

In onze gemeente zijn naast de traditionele gezinsvorm ook nieuwe gezinsvormen zoals éénoudergezinnen, nieuw-samengestelde gezinnen, … Wij willen er ook voor hen zijn. Zo vinden wij dat kinderen die deeltijds verblijven in onze gemeente in het kader van een bilocatieregeling moeten ondersteund worden op dezelfde manier als kinderen die hier voltijds verblijven, ook al zijn ze niet gedomicilieerd in onze gemeente. Alleenstaande ouders hebben specifieke noden. Binnen alle beleidsdomeinen kan de alleenstaandenreflex worden toegepast.

Kinderopvang

Voldoende en betaalbare kinderopvang in onze gemeente is noodzakelijk. De verhuis van de buitenschoolse kinderopvang in de deelgemeente Rumst van de Veerstraat naar de Kerkstraat komt eraan. Wanneer bij een vernieuwing van de site van het dorpshuis in Terhagen de buitenschoolse kinderopvang niet in haar huidige lokalen kan blijven, dient een nieuwe afzonderlijke locatie voorzien te worden. Het aanbod van de kinderopvang dient te anticiperen op de demografische groei die te verwachten is in bijvoorbeeld Terhagen. Naast de gemeentelijke organisatie van de buitenschoolse kinderopvang, dient er ook verder ingezet te worden op het overleg met de kinderdagverblijven en onthaalouders, het uitbouwen en promoten van het Huis van het Kind.

Sociaal beleid

  •  Iedereen mee  

Een goed lokaal sociaal beleid dat tot een warme gemeente leidt, zorgt ervoor dat iedereen, in het bijzonder wie zorg behoeft en andere inwoners die minder (kunnen) deelnemen aan het maatschappelijk leven , “mee zijn” in onze samenleving en geen uitgesloten groep vormen.

Het lokaal bestuur moet in dit kader sensibiliseren, partners bijeenbrengen en overleggen, ondersteunen en zo nodig zelf initiatieven nemen.

Mensen worden soms afgeremd om zich sociaal te engageren omwille van financiële reden. Dit moeten we voorkomen. Het is nu net deze doelgroep die nood heeft aan sociale contacten om uit hun isolement te geraken. Vrijetijdscheques die bijvoorbeeld jeugd- en sportactiviteiten toegankelijker maken voor iedereen moeten nog meer bekendheid krijgen.

Steeds meer mensen zijn op zoek naar een betaalbare woning. Ze kunnen de huur niet meer betalen en staan dan op straat.

Er zijn al heel wat projecten opgestart in onze gemeente om nieuwe, bijkomende sociale huur- en koopwoningen te bouwen. Onze gemeente heeft echter nog een sociaal objectief te realiseren. Er dient hiervoor geopteerd te worden voor kleinere en/of gemengde woonprojecten (huur, koop, privé,…) die kaderen in de bestaande omgeving. Het zou wenselijk zijn dat het lokaal bestuur haar samenwerking met het Sociaal Verhuurkantoor verder uitbouwt en bekend maakt bij haar inwoners.

Inzake sociale dienstverlening wordt de bestaande dienstverlening zoals maaltijden aan huis, poetsdienst, gezins- en bejaardenhulp, klusjesdienst, mindermobielen - centrale verder ondersteund.  

In Rumst, net als in alle gemeenten, is diversiteit een realiteit. Ze biedt nieuwe kansen, maar ze stelt ons ook voor complexe uitdagingen. Wij zetten verder in op een constructieve aanpak, gericht op emancipatie. Niemand uitsluiten, niemand opsluiten door aan hokjesdenken te doen is dus een rode draad.

De diversiteit in al haar vormen krijgt een volwaardige plaats in het straatbeeld, de communicatie en de identiteitsbeleving van Rumst. Alle beleidsdomeinen, gemeentelijke diensten en partners moeten deze inclusieve aanpak mee ondersteunen. Voorbeelden hiervan zijn het betrekken van mensen met een beperking, diversiteit in de jeugdvereniging, inzetten op gendergelijkheid.

  • Inburgering bespoedigen 

Multiculturaliteit is overal. Het is tegelijk een uitdaging en een opportuniteit. Voor mensen van vreemde afkomst die in onze gemeente komen wonen, is het niet  evident om zich snel te integreren in de lokale gemeenschap. Als betrokken partij in de administratieve afhandeling van de verblijfsprocedure, is een correcte maar vlotte behandeling van verblijfsaanvragen door het lokaal bestuur een eerste stap in een humaan  en rechtszeker beleid. Via de Lokale Opvanginitiatieven (LOI) is het OCMW ook actief bij de materiële steunverlening (opvang) van asielzoekers. De lokale opvanginitiatieven bewijzen in het kader van het federale opvangbeleid hun nut en staan garant voor een voldoende begeleiding.

  • Personen met een handicap 

Het lokaal bestuur kan projecten die zich richten op de hulp aan of zorg voor personen met een handicap, ondersteunen. Zo steunde het lokaal bestuur Rumst in de voorbije jaren een aantal instellingen die kinderen uit onze gemeente opnemen voor kortere of voor langere tijd. Pegode is hier een mooi voorbeeld van. Dit beleid dient te worden voortgezet. Nieuwe initiatieven voor dag- en / of nachtopvang van jongeren met een beperking, verdienen alle steun.  
Meewerken aan het mobieler maken van ouderen en mensen met een fysieke handicap is hierbij belangrijk. VLOTTER biedt hen de Rolkar en de minder mobiele centrale aan maar deze dienst kan misschien nog worden uitgebreid. 

Het lokaal bestuur moet voldoende initiatieven nemen om de toegankelijkheid van gebouwen, straten e.d. voor personen met een handicap te optimaliseren. Onze voetpaden moeten worden aangepast zodat zij goed berijdbaar zijn voor rolstoelgebruikers en rollators.

Het lokaal bestuur moet verder werken aan woonvoorzieningen voor mensen met een handicap, naar de voorbeelden van de projecten Den Baa en hoek Nieuwstraat.

Ook in de vrijetijdssector moet er voldoende aandacht zijn voor mensen met een handicap. De drempel om bijvoorbeeld te gaan sporten was in het verleden veel te hoog. Door de aandacht die momenteel wordt gegeven aan de G-sport krijgen ook mensen met een handicap meer mogelijkheden. Dit moet ook voor de andere vrijetijdsintiatieven mogelijk zijn.

Inclusie in verenigingen en scholen verdient ondersteuning.

  • Armoede bestrijden
     

Armoede bestrijden is meer dan enkel initiatieven nemen om zichtbare armoede aan te pakken. Het is tevens op zoek gaan naar verborgen armoede en deze mensen uit de schaduw te halen.

De dialoog tussen OCMW en scholen, CLB, het Huis van het Kind moet intens worden gevoerd om zo de kinderen die opgroeien in kansarme gezinnen nog beter  te helpen om zich te ontplooien. Speciale aandacht gaat ook naar de ondersteuning van mensen met een laag inkomen, die anders uit de boot vallen (de net-niet-leefloners).

Verenigingen kunnen worden gestimuleerd om kansarme personen aan te trekken en te betrekken.

  •  Werk

Wij hechten groot belang aan opvang en begeleiding van leefloners naar de arbeidsmarkt. Dat is een vorm van maatschappelijke dienstverlening waarbij het OCMW een baan bezorgt aan iemand die uit de arbeidsmarkt is gestapt of gevallen, met als doel deze opnieuw in te schakelen in het stelsel van de sociale zekerheid en in het arbeidsproces.  Iedereen die kan werken, komt naar de jobclub, een ontmoetingsmoment tussen het OCMW en de leefloners waarbij de groepsleden elkaar kunnen inspireren en versterken. Maar vaak is een job niet onmiddellijk haalbaar wegens medische redenen, een onvoldoende kennis van de Nederlandse taal, een gebrek aan werkervaring, een gebrek aan kinderopvang. Zij worden meer individueel begeleid naar een (deeltijdse) baan. Is een tewerkstelling niet mogelijk via artikel 60 (verhoogde staatstoelage voor de tewerkstelling van werkzoekenden en leefloongerechtigden die door een gebrek aan (recente) werkervaring en arbeidsattitudes niet onmiddellijk aan de slag kunnen in het normaal economisch circuit), dan kan die doelgroep aan het werk in een gemeenschapsdienst, bijvoorbeeld via het Wijkwerken. Wanneer gebrek aan kinderopvang mee aan de oorzaak ligt van het niet kunnen aanwezig zijn op sollicitaties, zoekt het OCMW hiervoor mee naar oplossingen om werkzoekenden in de mogelijkheid te stellen om te gaan solliciteren en te gaan werken.

  • Kindergelukcharter

 In 2018 werd het kindergelukscharter ondertekend door lokaal bestuur, OCMW, schoolbesturen, ouderraden, initiatieven in de kinderopvang en verenigingen. De betrokken partners streven er nu naar om kinderen in Rumst in een fijne leef-, en leeropgeving te zien opgroeien en zo mee aan hun geluk te bouwen. Een project “let op de kleintjes” waarbij we bij contacten met volwassenen ook de vraag stellen of ze als ouders nog extra ondersteuning kunnen gebruiken, is een mooie aanvulling hiervan. Aan de daadwerkelijke uitvoering hiervan werken wij graag mee!

  • Lokale initiatieven ondersteunen 

Vandaag zijn reeds vele lokale verenigingen en het middenveld volop met sociaal beleid en sociaal werk bezig. Het lokaal bestuur ondersteunt de organisaties en vrijwilligers in hun actuele engagement. De vele vrijwilligers die vandaag reeds aan de slag zijn om zorgbehoevenden en anderen te helpen, verdienen deze steun ten volle.  Welzijnsschakels is hier een mooi voorbeeld van.

  • Integratie gemeente – OCMW 

Het integratieproces van OCMW en gemeente verdient alle middelen om zo degelijk mogelijk te worden georganiseerd. Dit komt de efficiëntie van de dienstverlening ten goede.

  • Welzijnsraad 

Overleg tussen verschillende organisaties en diensten voor hulpverlening is noodzakelijk. De de welzijnsraad adviseert het lokaal bestuur bij haar sociaal beleid.

  • Gezondheid en seniorenbeleid

Vandaag worden mensen ouder dan honderd jaar geleden, en vinden mensen het ook erg belangrijk om gezond oud te worden. Een gelukkige gemeente is dus een gemeente die gezondheid belangrijk vindt.

Het lokaal bestuur dient een preventief gezondheidsbeleid te voeren en haar inwoners te sensibiliseren. De campagnes rond kankerpreventie en samenwerking met Think Pink, evenals de projecten rond gezonde voeding op school, zijn daarvan goede voorbeelden.

De samenwerking die het ziekenhuis in Reet met het ziekenhuis van Bornem heeft afgesproken is een waarborg voor de blijvende aanwezigheid van gespecialiseerde gezondheidszorg in onze gemeente. Dat vinden wij belangrijk en het ondersteunen waard.

Daarnaast is het ook belangrijk om dagelijkse, nabije gezondheidszorg te waarborgen in onze dorpen. Naarmate mensen ouder worden, en zo lang mogelijk thuis willen blijven wonen, zal een aanspreekpunt dicht bij huis nodig zijn. Er is nood aan coördinatie vanuit het lokaal bestuur voor de organisatie hiervan. Daarnaast mogen uiteraard de mantelzorgers nog meer ondersteund worden.

Zorg op maat wil ook zeggen: zorg waarbij mensen zich goed voelen. Dat kan betekenen dat wordt samengewerkt met meerdere partners die dezelfde diensten aanbieden, maar dat doen met een andere stijl of vanuit andere waarden.

In het kader van deze zorg op maat moet bijzonder aandacht worden besteed aan minder vanzelfsprekende vormen van zorg, zoals het aanpakken van vereenzaming in onze maatschappij. Zo kan bijvoorbeeld in het project Hoogvelden meer ruimte voor ontmoeting voorzien worden.
Maar dat kan ook op een ambitieuze manier gebeuren. Het lokaal bestuur moet de ontmoeting tussen de generaties stimuleren door in nieuwe bouwprojecten aan te sturen op de inrichting van kangoeroewoningen van een nieuwe generatie. Door een verstandige combinatie van woningen voor jonge gezinnen en woningen voor ouderen bestrijden we de vereenzaming en geven we nieuwkomers in het lokaal bestuur de kans om snel te integreren. Ook scheppen we ontmoetingsruimten tussen de woningen, waardoor mensen de kans krijgen een sociaal leven op te bouwen zonder verre verplaatsingen.
Er kan een netwerk van vrijwilligers opgezet en ondersteund worden om vereenzaming bij alleenstaanden en senioren aan te pakken.  Via huisbezoeken of  ontspanningsactiviteiten moet voorkomen worden dat mensen in een isolement terecht komen. Daar waar reeds dergelijke initiatieven bestaan kan het lokaal bestuur ze mee versterken. Daar waar er nog noden zijn kan het lokaal bestuur een meer stimulerende rol spelen in het op gang brengen van een actieve werking.

Het lokaal bestuur wil ouderen ondersteunen om zo lang mogelijk thuis te blijven wonen. Dat kan bijvoorbeeld onder de vorm van een subsidie voor de noodzakelijke aanpassingen aan de woning.

Door een dynamisch en inclusief ouderenbeleid kan het lokaal bestuur ervoor zorgen dat ouderen actief blijven binnen de gemeenschap. Wij zijn ervan overtuigd dat senioren nog zeer zinvolle taken in onze gemeenschap kunnen uitoefenen, en dat het bijeenbrengen van ouderen en kinderen prachtige synergiën doet ontstaan, denk maar aan de succesvolle creatieve workshops in de rusthuizen. Daarom willen wij hier een stapje verder in gaan, door bijvoorbeeld actief de senioren uit te nodigen tot vrijwilligerswerk, en nog meer in te zetten op ontmoeting met de kinderen / scholen in onze gemeente, al dan niet in samenwerking met de rusthuizen.

Inspraak van senioren in het gemeentelijk beleid kan worden gerealiseerd via seniorenraad / welzijnsraad.

Naar analogie met het kindergelukscharter zullen partners in de ouderenzorg samen werken aan een engagementsverklaring - het seniorengelukscharter - om onze ouderen de nodige ondersteuning te bieden op vlak van wonen, welzijn en gezondheid. 

Ons gemeente moet een leeftijdsvriendelijke gemeente voor senioren, en ja zelfs een dementievriendelijke gemeente worden. Dementie is een ziekte die helaas meer en meer voorkomt. Wij willen deze mensen niet in een isolement steken, maar vinden het belangrijk dat ze zo lang mogelijk een zo normaal mogelijk leven kunnen leiden. Aanpassingen, qua infrastructuur en communicatie, kunnen hen daarbij helpen. Dit kan gaan over het opstellen van  formulieren via de politiezone (wegloopgedrag), fiches laten opstellen door mantelzorgers (hulp bij het dolen van dementen), het afleggen van bezoeken door de seniorenconsulent, het inschakelen van thuiszorgdiensten via een alarmcentrale (wegloopgedrag) en het samenstellen van (individuele) dementiekoffers (herinneringen aan vroeger via bv. foto’s, film, muziek, voorwerpen).

Algemene financiering

Financiën 

Het lokaal bestuur staat voor een aantal grote uitdagingen, vooral op vlak van grote infrastructuurwerken. Om de financiering van deze projecten rond te krijgen zal het lokaal bestuur bijkomende leningen moeten aangaan. Toch willen we volgende generatie niet opzadelen met een torenhoge schuldenlast. Daarom is het belangrijk om een gezond financieel beleid te voeren, waarbij de totale schuld niet nodeloos stijgt en alle toekomstige leninglasten zonder enige moeite kunnen worden betaald met de courante ontvangsten van het bestuur. Zo houden we de financiën op orde zowel op korte als op lange termijn.

Het is evident dat een gemeente geen uitgaven kan doen zonder inkomsten te vergaren. Het heffen van lokale belastingen en het innen van retributies ( vergoedingen voor gemeentelijk materieel en diensten ) zal steeds noodzakelijk blijven. Dit hoeft op zich geen probleem te zijn op voorwaarde dat de lokale lasten duidelijk, stimulerend en rechtvaardig zijn en principieel in verhouding tot de genoten inkomsten.  Gelet op de actualisatie in 2013, worden tarieven in de retributiereglementen die verenigingen viseren, niet verhoogd.

Het lokaal bestuur Rumst hanteert een eenvoudig belastingstelsel dat in hoofdzaak steunt op drie belastingen: de heffing op de onroerende voorheffing, de aanvullende personenbelasting en een lokale belasting op woningen en bedrijven. Als we het vergelijken met gelijkaardige gemeenten en met het Vlaams gemiddelde zijn de gehanteerde aanslagvoeten van de heffing op de onroerende voorheffing (787 opcentiemen) en de aanvullende personenbelasting (6,5 %) eerder laag. Onze doelstelling blijft om de gehanteerde tarieven niet te doen stijgen.

De jongste jaren is de reglementering voor de boekhouding van het lokale bestuur grondig gewijzigd en nieuwe aanpassingen komen nog op ons af. We willen de gemeenteraad op regelmatige basis en op een transparante wijze informeren over de lokale financiën.

Patrimonium

We hebben als lokaal bestuur de opdracht gegeven een grondige analyse te maken van ons patrimonium. Op basis van de resultaten van die doorlichting en met onze wensen qua nieuwe infrastructuur komen we bij de opmaak van de meerjarenplanning in 2019 tot een visie en een plan van aanpak. Hierbij wordt nagegaan in hoeverre het patrimonium een meerwaarde heeft in het realiseren van de doelstellingen.

In de verschillende beleidsvelden die hierboven werden besproken, gaven we onze visie op het daarop betrekking hebbende patrimonium weer.

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.